Veertig dagen project 2016.

In de schikkingen voor deze periode wordt de nadruk gelegd op de beweging van de ene mens naar de andere en daarmee naar de Ander, met God.

Om die beweging vorm te geven hebben we gekozen voor schoenen. Deze schoenen staan symbool voor het gaan op de weg van het leven. De kleur van de schoenen is wit, het wit van het licht, van het steeds opnieuw kunnen beginnen, van zuiverheid.

Zondag 14 februari. Eerste zondag van de veertigdagentijd.

Voor deze eerste zondag is gekozen voor veertig witte tulpen, zij verwijzen naar bezinning en gebed. De veertig geven ook de  veertig dagen van de veertigdagentijd aan.

Het gedicht hierbij:  Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, die ons voorgaat naar leven.  Zijn weg van Liefde, blijkt zwaar,   biddend zoeken naar kracht, waar anderen slapen.  God, blijf waken, wees houvast.

 

Zondag 21 februari. Tweede zondag van de veertigdagentijd.

Op deze tweede zondag in de veertigdagentijd klinkt de oproep om het verschil te maken door niet alleen de mensen lief te hebben die jou lief hebben maar ook je vijanden. In de schikking zien we hoe een bloem boven de anderen uitsteekt, dezelfde, even mooi en toch zo anders. Sterk en kwetsbaar.

Wij hebben gekozen voor rozen, roze en rode. Dit ter gelegenheid van het 40 jarig huwelijks jubileum van Sjoukje en Eduard.

Het gedicht hierbij: Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, hij die ons voorgaat naar de ander, ons voorgaat naar het leven. Die ons zegt lief te hebben, oneindig veel lief te hebben, zo het verschil te maken. God open ons hart.

 

Zondag 28 februari. Derde zondag van de veertigdagentijd.

Op deze derde zondag van de veertigdagentijd worden er geen stappen gezet. Het onrecht lijkt te zegevieren, geen enkele stap wordt richting Jezus gezet. Er is sprake van verharding en onwil. De schrift geleerden en hoge priesters gaan er als het ware dwars voor liggen, dit is uitgebeeld door de liggende bloemen. Zal de witte bloei het redden? Hoe sterk is de liefde?

Het gedicht hierbij: Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, die ons voorgaat naar de ander, ons voorgaat naar leven. Gevangen, deze Zoon van God, waar is het recht, wie doet een stap. God, het is zo donker, laat liefde bloeien.

 

Zondag 6 maart. Vierde zondag van de Veertigdagentijd.

Op deze vierde zondag van de veertigdagentijd ontmoeten we de farizeeër en de tollenaar die beiden het aangezicht van God zoeken in de tempel. De farizeeër overtuigd van zijn eigen grootheid en rechtvaardigheid.  Zo iemand kan geen enkele stap zetten naar een ander. De tollenaar zoekt schuldbewust Gods aangezicht. Open voor verandering. Hij is het die stappen zet richting rechtvaardigheid. Dat laten we zien door een orchidee met goed zichtbare wortels. De éne bloem fier rechtop, de ander gebogen. De farizeeër zoekt fier rechtop Gods aangezicht maar de tollenaar gebogen. Bij God keert alles om, wie gebogen is mag rechtop gaan.

Het gedicht hierbij: Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, die ons voorgaat naar het leven. Eigen waan, zet geen stap naar de ander. Wie zich buigt naar God komt in beweging. God zet ons op onze voeten.

 

Zondag 13 maart. Vijfde zondag van de Veertigdagentijd.

Op deze vijfde zondag van de veertigdagentijd klinkt de roep om recht. Op Golgotha staan op die dag drie kruizen. Twee misdadigers delen het zelfde lot als Jezus. De éne misdadiger is spottend en cynisch waarop de ander het voor Jezus opneemt en zijn eigen schuld uitspreekt. Hiermee doet hij een stap naar Jezus toe. In de schikking zien we hoe de éne misdadiger zich naar Jezus toekeert en de ander zich afkeert. Dit laten we zien d.m.v. de Strelitzia bloem. (paradijsvogelbloem) Aan de voet van Golgotha hebben we blauwe druifjes geschikt, blauwe druifjes zijn het teken van het nieuwe leven dat we aan God opdragen door de doop.

Het gedicht hierbij: Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, die ons voorgaat naar de ander, ons voorgaat naar het leven. Spot, sluit af, de roep om ontferming, opent de hemel. God ontferm U.

 

 

Zondag 20 maart. Zesde zondag van de Veertigdagentijd.

Op deze zesde zondag van de veertigdagentijd horen we hoe vele voeten zich haasten om getuige te zijn van Jezus zijn intocht in Jeruzalem. Lucas vertelt hoe Jezus huilt bij het zien van de stad. Er is sprake van een intens verdriet omdat in de stad van de vrede , die vrede ver te zoeken is. Feest en verdriet mengen zich. Tussen de stenen van de stad glinsteren de tranen.

Het gedicht hierbij: Schoenen aan, om met hem op weg te gaan, die ons voorgaat naar het leven, juichen om de koning, op de ezel die komt redden. Tranen vanwege vrede die nog niet zal zijn. God, sterk ons verlangen, naar wat vrede brengt.

 

 

 

 

Reageren is niet mogelijk